Dit achthoekige bijzettafeltje heeft een patroon in inlegwerk met opvallende parelmoeren cirkels. De vormentaal van de tafel gaat terug op deze in het Nabije Oosten. Mogelijk werd de tafel daar geproduceerd met het oog op export naar West-Europa, waar intieme 'Turkse' rooksalons populair waren. Het was het oriëntalisme, mede mogelijk gemaakt door de kolonisatie en de wereldtentoonstellingen, die in de gedachtegang vanaf de tweede helft van de 19de eeuw werd geromantiseerd. Ook binnen Europa zelf werden meubels met een gelijkaardige vormentaal geproduceerd om aan de vraag tegemoet te komen.