Champagnecoupe in kleurloos, transparant glas. Het glas heeft een ronde voet met daarop een hoge, ronde stam of steel waarvan de uiteinden worden geaccentueerd door een rand. Voet, stam en kelk werden niet in één stuk geblazen, maar werden aaneengehecht. De kelk heeft een platte, ronde bodem die met een lichte bolling overgaat in de zijwand. Het contour van deze wand kent een lichte knik waarbij het bolle ondergedeelte overgaat in een rechte, breder wordende kraag. Op de zijkant van de kelk zijn, op regelmatige afstand van elkaar, vier stippen aangebracht in groen glas. Deze ingesmolten stippen worden omgeven door vier witte, kleinere stippen (één bovenaan en drie onderaan) die via dunne lijnen verbonden zijn aan de groene stippen. Witte zweepslaglijnen slingeren zich rond deze clusters van stippen. De decoratie van de coupe is duidelijk geïnspireerd door de art nouveau of jugendstil.