Manueel gedraaide siervaas met beige glazuur waarboven licht lopende stroken roodbruine lusterglazuur. De siervaas getuigt van Maréchals eerste stappen in het ontwikkelen van artistieke sierkeramiek met eigen bereide glazuren. In aanloop naar een solotentoonstelling in de Brugse Kunstgalerie Unicum in april 1951 ontwerpt hij vazen en schalen met satijnglanzende lusterglazuren. Hij verkrijgt deze lusterglazuur door reducerend te bakken, m.a.w. door geleidelijk zuurstof te onttrekken aan de oven. Vernieuwend is het compleet achterwege laten van enige figuratieve decoratie. De bolle vorm, de lichtjes uitstaande hals en de alternerende kleurstroken zijn nog schatplichtig aan de art deco uit de jaren 1930-1945.